nl | fr
Home
agenda
« Mei 2013 »
M D W D V Z Z
29 30 1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26
27 28 29 30 31 1 2
 
impressionmail
Van Kyoto tot Kopenhagen

De in het Protocol van Kyoto overeengekomen reductiedoelstellingen geven heel nauwkeurig aan in welke mate elke partij van het Klimaatverdrag haar uitstoot van broeikasgassen moet reduceren in de periode 2008-2012 (de zogenaamde eerste verbintenisperiode), vergeleken met het basisjaar 1990.

Welke inspanningen daarna geleverd zullen moeten worden, is door dit Protocol niet bepaald. Wel voorziet artikel 3.9 van het Protocol dat eind 2005 besprekingen opgestart moeten worden over de doelstellingen die de geïndustrialiseerde landen tijdens de volgende verbintenissenperiode (de periode na 2012) op zich zullen nemen.

De eerste voorbereidingen hiertoe zijn reeds opgestart. Tijdens de 10de Conferentie van de Partijen (COP 10) bij het Klimaatverdrag, in december 2004 in Buenos Aires, werd de beslissing genomen om in mei 2005 een eerste vrijblijvende gedachtenwisseling over het huidig en toekomstig klimaatbeleid tussen geïndustrialiseerde en ontwikkelingslanden te organiseren. Sommige ontwikkelingslanden (waaronder Zuid-Afrika, Mexico, Argentinië, Brazilië en Tuvalu) namen tijdens deze verbazend constructieve oefening een pro-actieve houding aan.

Deze gedachtewisseling, onder vorm van een zgn. Seminar of Governmental Experts, samen met een aantal informele vergaderingen met de voornaamste protagonisten in onder meer Groenland en Ottawa, en mede onder impuls van de G8-vergadering in het Schotse Gleneagles leidde er toe dat eind 2005 in Montreal tijdens de 11de Conferentie van de Partijen (COP.11- COP/MOP.1) bij het Klimaatverdrag, tevens de eerste vergadering van de Kyotopartijen een akkoord kon worden bereikt over een proces voor de onderhandelingen over de toekomst van het internationale klimaatregime, het zgn. Montreal Action Plan.

Dit actieplan bestaat uit 2 parallelle sporen:

  • een Ad hoc Working Group on Further commitments for Annex I Parties die zo snel mogelijk een akkoord diende te bereiken over nieuwe doelstellingen voor de industrielanden onder het Protocol van Kyoto, voor de periode na 2012.
  • een Convention Dialogue, een open en niet-verbindende dialoog die moet toelaten om doeltreffende nationale en internationale oplossingen voor het klimaatprobleem te ontwikkelen met een zo breed mogelijke deelname van landen.

Tijdens de laatste nachtelijke uren van deze top zag ook het zgn. ‘Russian proposal’ het licht. Dit voorstel van de Russische Federatie pleit voor een procedure die de landen zonder reductieverplichtingen onder het Kyotoprotocol moet toelaten om vrijwillig verbintenissen op te nemen, en dreigde ei zo na de onderhandelingen te laten mislukken.

Hoge verwachtingen in 2006

De 12de klimaatconferentie (COP.12-COP/MOP.2)) had midden november 2006 plaats in Nairobi (Kenia). Door de grote media-aandacht voor het klimaatprobleem einde 2006, door het verschijnen van de Stern Review , de publiciteit rond de film ‘”An Inconvenient Truth”’ van Al Gore, de uitzonderlijk zachte winter in West-Europa en de nakende publicatie van het 4de Assessment Report van het IPCC, waren de verwachtingen hoog gespannen.

Bovendien naderde stilaan de fase waarin de onderhandelingen over toekomstige verbintenissen daadwerkelijk van start moesten gaan, wilde men vermijden dat er een kloof ontstond tussen de eerste en tweede verbintenissenperiodes van het Kyotoprotocol.

Nairobi leidde niet tot het door sommigen verhoopte grootse politieke akkoord over het langetermijn-klimaatbeleid, maar wel tot het aannemen van een werkprogramma voor de tijdens Cop 11 opgerichte “Ad hoc Working Group”, die:

  • voor het eerst in de geschiedenis van de VN-klimaatonderhandelingen het ambitieniveau erkent voor het internationale klimaatbeleid in kwantitatieve termen (een halvering van de emissies tegen 2050)
  • de toekomstige verplichtingen voor industrielanden koppelt aan de globale context
  • de start geeft aan een proces waarin de Partijen in 2007 het toekomstige reductiepotentieel, de daaraan verbonden kosten en diverse opties voor de architectuur van het toekomstige kader zullen analyseren.

De Convention Dialogue daarentegen was weinig interactief, tot ontgoocheling van vele delegaties.

In Nairobi moesten conform artikel 9 van het Protocol van Kyoto ook de onderhandelingen over een volledige herziening van het Protocol starten. Deze onderhandelingen konden succesvol worden afgerond, ondanks zeer grote initiële tegenstellingen, met de start van een proces dat het Protocol grondig moet herzien in 2008.

De verdere bespreking van het ‘Russian proposal’ zorgde voor de nodige opschudding, door de aanvankelijk absolute weigering van met name China, India en Saoedi-Arabië om het voorstel zelfs maar toe te laten op de agenda. Toch kon overeenstemming worden bereikt over het organiseren van een workshop over dit voorstel in 2007.

2007, het jaar van de grote doorbraak

Dit jaar 2007 was voor het internationaal klimaatbeleid duidelijk het jaar van de grote doorbraken. Dit is zonder enige twijfel voor een deel te danken aan de publicatie van het "Vierde Rapport" van het Intergouvernementele Panel over de Klimaatverandering, dat alle vroegere "wetenschappelijke onzekerheden" over de klimaatverandering voor eens en altijd van tafel veegde. Voor dit gedegen werk ontving het panel trouwens - samen met Al Gore - in oktober 2007 de Nobelprijs voor de Vrede!

Maar ook de Europese Unie heeft de internationale onderhandelingen een flinke duw in de rug gegeven door in het voorjaar als eerste heel concrete en ambitieuze klimaatdoelstellingen voorop te stellen. En alhoewel de resultaten op de 13de klimaatconferentie in Bali in december 2007 tot op het allerlaatste moment erg onzeker bleven, kwam het op de valreep toch tot een historisch akkoord om met alle landen, met inbegrip van de Verenigde Staten én de ontwikkelingslanden, een intensief en ambitieus onderhandelingstraject op te zetten. Het doel is duidelijk: tegen de klimaatconferentie van eind 2009 in Kopenhagen moet een nieuw internationaal klimaatakkoord afgesloten kunnen worden.

In Bali heeft ons land zeker geen onbelangrijke rol gespeeld: zo waren het twee Belgische onderhandelaars die in naam van de Europese Unie onderhandelden over de thema‘s technologie en financiering, twee hoekstenen van de ‘Bali Roadmap’ (de “agenda” die het eindresultaat was van de conferentie).

Verder heeft België er met succes op aangedrongen dat de beleidsinitiatieven die genomen worden om ontbossing in de tropen een halt toe te roepen, breed genoeg geformuleerd worden om ook een antwoord te bieden op de bosdegradatie, een probleem dat in het bijzonder de bossen in het Congobekken treft.

 
 
Laatste update : 25/02/2011